Onze zolder moest afgelopen maanden worden opgeruimd (leeg) omdat er goed geïsoleerd moest worden. Vier keer met de auto naar de kringloop en vuilstort. Wat oude kasten en provisorische knieschotten werden verwijderd. Daar kwamen we onder een oude schuifdeur deze vies geworden poster tegen. Het was vroeger mijn ouderlijk huis dus als lagere schoolmannetjes leerden mijn broer en ik daar biljarten. Op een klein biljart. We kregen les van pa. Deze versleten poster hing tegen het dak. Uit 1974. Wie kent al deze voetbalhelden nog?
Er zijn inwoners van Roosendaal die zich zorgen maken over hun stad, die meedenken. Zij hebben deze petitie opgesteld:
Wij verzoeken de gemeenteraad van Roosendaal af te zien van de plannen om te groeien naar circa 100.000 inwoners en eerst een referendum te organiseren over deze koers.
Je steunt hen door deze petitie te ondertekenen op
Hoe is Roosendaal gegroeid de afgelopen 15 jaren en wat verwachten we tot 2040 als we organisch groeien in aantal inwoners? Dit hebben we eens aan ChatGPT gevraagd.
Antwoord:
Hier is een overzicht van hoe Roosendaal zich de afgelopen vijftien jaar heeft ontwikkeld qua inwonertal en wat we kunnen verwachten tot 2040, vooral bij organische groei (dus zonder grote beleidsdoelen of uitzonderlijke bouwimpulsen):
📈
Bevolkingsontwikkeling van Roosendaal (2008–2026)
Volgens historische CBS-data is de groei over de afgelopen 15–20 jaar zeer beperkt geweest:
🔹 Rond 2008 had Roosendaal ongeveer 77.277 inwoners.
🔹 Tot en met 2023 fluctuert het inwonertal ongeveer tussen 77.000 en 78.000 inwoners.
🔹 Op 1 januari 2026 wordt een schatting van 78.171 inwoners genoemd.
👉 Conclusie over de laatste 15 jaar: de totale groei is relatief stabiel geweest, met slechts een lichte stijging (en ja en nee schommelingen) rond de 77–78 k regio in 2008–2026 — dus nauwelijks sterke groei.
De belangrijkste drijvers waren migratie: zowel binnenlandse verhuizingen als buitenlandse immigranten hebben recente groei vooral veroorzaakt, terwijl natuurlijke aanwas (geboortes minus sterfgevallen) deels negatief was.
📊
Verwachtingen tot 2040 – Organische groei
CBS / Provinciale prognose (meest ‘organische’ trend)
Een regionale prognose gaat uit van een gematigde groei van ongeveer 7 % tussen 2017 en 2040:
2017: ca. 77.000 inwoners
2040: ca. 82.700 inwoners→ dat is ongeveer +5.700 inwoners in 23 jaar.
Dit betekent gemiddeld een groei van ±0,25 % per jaar, wat neerkomt op rustige, organische groei — vergelijkbaar met historische ontwikkelingen.
Kortom:
Is het nodig dat ons stadsbestuur, ondanks eerdere afzwakkingen toch blijft drammen op groei?
Gisterenavond was er een inspraak avond voor de gemeenteraad Roosendaal. Samen met wijkbewoners spraken wij in; terug te kijken via dit filmpje. Speciaal voor de raadsleden en andere geïnteresseerden heb ik mijn volledige tekst hier geplaatst.
Geachte voorzitter, leden van de gemeenteraad, college,
Als echte Westrander en Roosendaler ben ik blij dat er besloten is om de wijk op te knappen. Iedereen wil een fijnere, groene, veilige wijk om in te wonen. Dat er veranderingen komen, daarvoor heb ik alle begrip. Ik ga nu niet in op alle details van het Ontwikkelkader voor ‘t Hart van de Westrand. Daar is veel over te zeggen, maar dat red ik niet in 5 minuten.
Wat ik wel wil doen, is mijn zorgen uitspreken. Vanaf het begin van de plannen voor de Gebiedsvisie Westrand gaan er belangrijke zaken gruwelijk verkeerd. Ik heb daarover al diverse columns en filmpjes gemaakt, bij jullie bekend. Men presenteert eerst de plannen, over de hoofden van de inwoners, en pas daarna benoemt men zaken die in een communicatie en particpatietraject VOORAF besproken hadden moeten worden. De participatie met de inwoners is hiermee een farce.
In de stukken van de gemeente wordt gesproken over een “nieuw participatiemoment”.Maar nergens lees ik erkenning dat de participatie tot nu toe tekort is geschoten. Geen reflectie, geen zelfkritiek, geen les. Dat is opvallend, omdat woningcorporatie Alwel zelf inmiddels heeft erkend dat de participatie met omwonenden rond het Permekepleinonvoldoende is geweest. Als zelfs de ontwikkelende partij dat erkent, waarom ontbreekt die erkenning dan bij het college?
Er zijn vertragingen in de processen. Deze worden volledig buiten het college gelegd: complexiteit, landelijke regels, onderhandelingen, Alwel. Echter: beleid maken en regie voeren betekent ook dat je als gemeente keuzes moet maken, prioriteren enbijsturen. In de stukken ontbreekt elke reflectie op de eigen rol van het college in het ontstaan en laten voortduren van deze vertraging. Er wordt gesproken over “perspectief”, en“hernieuwde afspraken”, maar nergens staat een concreet tijdpad. Geen mijlpalen, geen besluitmomenten. Zonder tijd en zonder ijkpunten is perspectief vooral een woord. De visie “Een kansrijke Westrand in 2040” wordt genoemd als kader, maar niet als toets. Wat gebeurt er als ambities niet worden waargemaakt? Welke consequenties verbindt het college daaraan? Zonder consequenties wordt een visie geen verplichting, maar een legitimatie achteraf. Er wordt opnieuw participatie aangekondigd, terwijl essentiële kaders al vastliggen: 55 huurappartementen, een anterieure overeenkomst in voorbereiding, een Design & Build-aanpak.
Ondertussen wordt er na devoorlichtingsavonden, niets aan ons gevraagd. Dat roept de vraag op: waarover mogen bewoners straks nog daadwerkelijk meedenken? Over details, kleur van de balkons, of over wezenlijke keuzes?
Toon Bogers en ik zijn meerdere malen op gesprek geweest bij de ambtenaren. In de verslaglegging wordt toegegeven dat de participatie onjuist voorlopen is en beter moet, we merken er niks van. Ontmoeten we dan de wethouder op een voorlichtingsmiddag dan kunnen we kritische vragen stellen wat we willen. Zij verschuilt zich achter de raad, want, die heeft in 2024 de gebiedsvisie toch goedgekeurd?
Wat is dan die samenwerking tussen college en raad?
Het Permekeplein en benoemde park is een sleutelplek in de Westrand. Toch is de gemeenteraad niet eerder geïnformeerd over stagnerende onderhandelingen en participatieproblemen. Dat schuurt met de rol van de raad als kadersteller en volksvertegenwoordiger. Alles bij elkaar ontstaat een beeld van een proces waarin woorden vooruitlopen op daden, waarin participatie wordt aangekondigd maar niet geëvalueerd, en waarin verantwoordelijkheid vooral extern wordt gelegd.
Daarom sluit ik af met enkele open vragen.Niet om nu te antwoorden, maar neem deze mee:
1. Vindt het college zelf dat de manier waarop dit proces tot nu toe is verlopen recht doet aan de verwachtingen die bij bewoners zijn gewekt met de gebiedsvisie? 2. Als het eerlijke antwoord daarop niet volmondig ‘ja’ is, wat betekent dat dan concreet voor hoe het college vanaf nu gaat handelen?
Mijn persoonlijke slotconclusie is, dat wij hier in Roosendaal al jaren met bestuurders zitten, die volledig hun eigen koers lijken te varen. Het college heeft lak aan de visie van de burgers. Gelukkig zijn er een aantal raadsleden van zeer goede wil, maar zij houden dit college niet in toom. Men is de controle kwijt. In Roosendaal gaat een papieren werkelijkheid rond die op geen enkele manier eer doet aan de sociale werkelijkheid.
Bij het gedrag van dit college moet ik vooral aan Trump denken.
Wil men daarom dan toch die toren van 18 hoog??
Klik op de afbeelding om de inspraak terug te kijken: Achteraf kwamen er nog wat vragen van de raadsleden die ik mocht beantwoorden. Deze zie je in dit filmpje.
Terwijl we vandaag zagen dat niet overal in Nederland de oudejaarsavond vredig en liefdevol is verlopen, keken we zelf toch naar een prachtig schouwspel. Zelf heb ik nooit vuurwerk afgestoken. Ik keek er altijd naar terwijl anderen dat voor me deden. Zo ook dit jaar. Je ziet De Molen De Hoop in beeld. Hoop en vertrouwen is wat ik iedereen gun!
Dat ik een terugblik op het jaar eigenlijk nooit te vroeg moet schrijven, dat bleek vorig jaar. Op 18 december 2024 schreef ik dit artikeltje: Omkijken, en af en toe even de gordijnen dicht doen. We hadden natuurlijk geen idee wat er een week later zou gebeuren.
Op kerstavond, 24 december 2024 overleed onze zoon Christiaan. Op die normaal zo mooie avond voltrok zich voor ons een ramp. Na de crematie, 3 januari dit jaar dus, schreef ik die ramp van me af. Het moest de ether in. Ik wilde het van me af gooien. Natuurlijk werkt dat zo niet. Toch, elke keer dat je verdriet deelt, zou het wat lichter moeten worden.
Eigenlijk schept ruimte
Ik begon deze tekst met ‘eigenlijk’, en dat woord schept ruimte. En wederom schrijf ik een paar dagen voor dat het kerst is, een artikel. Waarom? Omdat dat mijn traditie is, om in de dagen voor Kerstmis even om te kijken. En de week later een nieuw begin te maken.
De vraag die bleef hangen was zinloos. De waarom-vraag. Elke vraag over de zin van het leven is zinloos. Beroemde filosofen hebben er boeken over vol geschreven. De enige zin die volgens mij het leven heeft is de invulling die jij er zelf aan geeft.
Ondertussen in de tuin
Terwijl ik dit schrijf, kijk ik de tuin in en zie de roodborst rondscharrelen. Van boom naar struik, van struik naar zaadsilo en dan weer voor het raam op de stoel. Hij geeft een show, en zegt ons gedag. Doet ontzettend zijn best om op te vallen.
Ken jij het oude Keltische verhaal van de roodborst?
Er gaat een oud verhaal rond dat als een roodborst je bezoekt, dat het mogelijk een oude geliefde is. Iemand die jou mist, en die jou wil ontmoeten. Die verlangt naar zo een dag, net als jij. Die zegt, ik ben elke dag bij je, en daarom stuurt hij die roodborst bij je langs. Een brenger van troost en hoop. Om je te laten weten, ik ben er, en we zien elkaar. Ooit.
Met dank aan mijn motorvriend en natuurfotograaf Hans Viveen voor de prachtige foto, van een zingende roodborst.
Wanneer je ze in een pot zet; dan geeft dat minder kans op succes. Deze berk kwam echter zelf aanwaaien. Landde in onze tuin als zaadje in een terra-cotta potje van 10 cm. Stond een jaar tussen het onkruid en ineens zagen we het na een jaartje of 2 in de hoek van de tuin gestaan te hebben… Het was een heel jong boompje van 15 cm. Dat hebben we enkele jaren later in een grotere pot gedaan. En enkele jaren later weer. Inmiddels zijn we 5 potten en 15 jaar verder of zo. Nu staat de berk in deze groene bak. Af en toe wat water. Lief tegen praten en zie hier de “berk in pot”. In herfstkleur geel. Geboren in ons tuintje.
Het woord ambtenaar verwijst in deze column naar iets breders dan de persoon. Als ik ‘ambtenaar’ schrijf dan bedoel ik nogal eens de overheid, de politiek, of een wethouder in dit verhaaltje. Een wethouder die feitelijk geen ambtenaar is overigens.
Weet je wat opvallend is?
Overheden en gemeentes hebben moeite met tegenspraak. Dan hebben ze het over de ‘boze burger’.
Als de burger een bezwaar indient of protesteert tegen een beslissing dan weet de ambtenaar daar helaas vaak slecht mee om te gaan. In het bedrijfsleven (bij de betere bedrijven dan hè) ziet men een klacht als een kans. Dan komt er meestal iets moois uit.
De tunnel der regels
Als een ambtenaar een klacht krijgt, dan gaat hij vaak meteen in verweer. Duikt in de tunnel der regels en komt er niet meer uit. Dat die klacht zuurstof had kunnen geven voor een mooi democratisch overleg, tja, leg dat eens uit aan de ambtenaar.
Ja maar…
Ik had onlangs een pittig gesprek met een wethouder. Een wethouder die in onze dorpachtige wijk in Roosendaal een woontoren wil laten bouwen. Het enige wat de wethouder tijdens het gesprek kon antwoorden was “Ja maar….”. En, let er maar eens op, mensen die “ja maar” zeggen, die zeggen feitelijk nee. Toen zij de discussie uiteindelijk niet meer op inhoud kon winnen, ging zij zich verschuilen achter de gemeenteraad. Tja, de raad had het besloten hè. Het was niet haar schuld.
Het doen van de klacht, het in verweer gaan, dat maakt mij persoonlijk nooit gelukkig. Maar als die klacht niet gehoord wordt; dan geeft het mij vuur om te strijden.
Een wethouder of andere bestuurder, die echt authentiek luistert; en niet alleen oplossingen verdedigt die meteen in het eigen plan passen; kom jij ze nog wel eens tegen? Ik ben benieuwd.