Werkgroep Biomineralen vecht door tegen mestfabriek Roosendaal

Knappers.nl steunt al jaren de Werkgroep Biomineralen in Roosendaal. Eerder deze maand heeft deze bekend gemaakt het protest tegen de komst van een mestfabriek naast onze woonwijk in Roosendaal door te zetten.

 

De volgende tekst is met toestemming overgenomen. Bron: Werkgroep Biomineralen.

 

“Naar de Raad van State:  We weten het, het duurde lang voor de uiteindelijk beslissing viel.
De afweging die vooral gemaakt moest worden was wat het meest effectieve zou zijn, mede gezien in de tijd. Een rol daarbij speelt het feit dat de mestfabriek nog steeds niet beschikt over een Natuurbeschermingswetvergunning, wat betekent dat men weliswaar mag gaan bouwen, maar dat men de mestfabriek niet in gebruik mag nemen.
Een andere overweging is dat hoewel de Raad van State wellicht zal bepalen dat de door de Werkgroep ingediende bezwaren gegrond zijn, dat nog niet betekent dat de rechtsgevolgen van de uitspraak van de rechtbank teniet worden gedaan en de verleende vergunning vernietigd zal worden verklaard.
Kortom er viel nogal wat te overdenken.
Door meer dan de helft van de door de Werkgroep ingebrachte en onderbouwde bezwaren niet te behandelen, laat staan te weerleggen, had de rechtbank de Werkgroep in feite meer dan voldoende redenen gegeven om in hoger beroep te gaan bij de Raad van State.
Over de 2410 handtekeningen van de bedrijven en bewoners zweeg de rechtbank in alle talen; blijkbaar een verzoek tot een luisterend oor was voor deze belanghebbenden bij de rechtbank aan het verkeerde adres gericht

Een uitspraak die overigens in haar beredenering een merkwaardig facet bevat.
De rechtbank redeneert dat het al of niet verlenen van een vergunning voornamelijk bepaald wordt door:
– de wetgeving;
– de door het bevoegd gezag opgestelde vergunningvoorschriften.
Naar de mening van rechtbank is het daarbij kennelijk niet van belang of ingediende rapporten en dergelijke correct, consistent en in overeenstemming met de waarheid zijn. Van belang is volgens de rechtbank vooral dat die rapporten geen zaken vermelden die in strijd zijn of kunnen zijn met de wetgeving en de vergunningvoorschriften. De rechtbank vertrouwt er zo te lezen op dat dat het geval is bij de rapporten die door de mestfabriek aangeleverd werden aan het college van b &w van Roosendaal.
Dat eisende partijen aantonen dat dat college o.a. een haast rechtstreeks zakelijk belang heeft bij de realisatie van de mestfabriek en door de mestfabriek aangeleverde rapporten niet deugen en er dus niet voldaan zal kunnen worden aan de wettelijke voorschriften, is in de redeneertrant van de rechtbank niet relevant, want mocht het in de praktijk blijken dat niet voldaan kan worden aan wetgeving en vergunningvoorschriften, dan kan men immers te allen tijde een beroep doen op het handhavingtraject.
Het door de Werkgroep in haar beroepschrift aangedragene en aangetoonde wordt o.a. ondersteund door de resultaten van een onderzoek uitgevoerd door de Wageningse universiteit vervat in het rapport -Evaluatie geurverwijdering door luchtwassystemen bij stallen-, maart 2018, .Melse et al , waarin onomwonden wordt aangetoond dat de effecten van gaswassersystemen veel en veel te hoog zijn ingeschat. Een gegeven waar de rechtbank kennelijk niet van op de hoogte was/is. ( Zie ook artikelen in BNdeStem d.d. 06-07-2018)

Hier willen we het even bij laten.
Op 8 juli heeft de Werkgroep de voorzitter van de Raad van State kenbaar gemaakt dat zij in hoger beroep gaat tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland- West-Brabant.
Vermelden we nog dat ook Stichting Sirene en Mevr. Van de Bouwhuijsen –Kortman, vertegenwoordigd door haar juridisch adviseur dhr. B.Klijs, hoger beroep zullen instellen.

Wij houden u over de voortgang op de hoogte.” 

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *