Categorie archief: IJsvogel

Helft ijsvogels gestorven door vrieskou

Een paar dagen terug schreef ik nog over mijn liefde voor de ijsvogel. Vandaag werd ik geattendeerd op een slecht bericht uit het nieuws. Dit was helaas te voorspellen, gezien de landurige vorstperiodes die we achter de rug hebben. Hoewel ik op Knappers.nl meestal “positieve” berichten plaats, is er helaas ook wel eens ander nieuws. De volgende tekst is overgenomen van www.nos.nl:

De vorst van de afgelopen winter is veel ijsvogels fataal geworden. Ongeveer de helft van het aantal ijsvogels is in de wintermaanden overleden. Dat blijkt uit tellingen van de stichting SOVON Vogelonderzoek. Vorig jaar werden in heel Nederland 300 ijsvogels geteld. Bij de laatste telling waren dat er 150. Anders dan zijn naam doet vermoeden, kan de ijsvogel niet goed tegen vrieskou.
Ijsvogels eten het liefst kleine vissen, meestal niet groter dan 7 centimeter. Ook eten ze andere waterdieren zoals larven van libelles en watertorren, bootsmannetjes en zelfs jonge kikkers. Door dat dieet zijn de ijsvogels voor hun voedsel vooral aangewezen op beekjes en andere kleine waterstromen. Maar juist die kleine waterpartijen bevriezen als eerste als het kwik onder nul daalt. Tijdens strenge winters hebben de ijsvogels dus moeite om aan voedsel te komen. 
Vooral in Limburg, Noord-Brabant en Gelderland hebben veel ijsvogels de winter niet overleefd. Daar was het dan ook het koudst. In december werden in Gelderland nog 39 ijsvogels geteld, maar in januari waren er nog maar drie. In februari was er nog maar één te zien. Na een periode van strenge vorst zoals in de afgelopen winter duurt het meestal jaren voor de populatie zich herstelt. Na het broedseizoen, dat eindigt in augustus, zal blijken hoe erg het precies met de populatie is gesteld.

 
Ik hoop dat de aankomende lentezon de ijsvogels zal aansporen tot een liefdevol voorjaar, zodat we snel de populatie weer mogen zien groeien…… Wat een dilemma in deze naam “ijsvogel” eigenlijk he. De naam dankt ie natuurlijk aan het feit dat wij mensen hem dan juist pas sneller gaan zien, bij een wak in het ijs. Tja, laat die zomer maar komen zou ik zeggen.